|
Zesde Wetterse klacht ongegrond |
|
vrijdag 15 december 2006 |
|
De raad voor verkiezingsbetwistingen van Oost-Vlaanderen heeft ook de zesde en laatste klacht van RESPECT ongegrond verklaard. Het ging om een bezwaar van André D'Hauwe omdat 6 CD&V-kandidaten-getuigen, waaronder 3 schepenen, in de stembureau's identiteitskaarten en oproepingsbrieven in ontvangst hebben genomen en vervolgens de namen van de kiezers afriepen. Op die manier zouden ze het kiesgedrag van de kiezers kunnen beïnvloed hebben. 13 CD&V-stemmen die bij RESPECT zouden terechtgekomen zijn waren goed voor een zetel extra in de gemeenteraad voor de partij van Walter Govaert.
Het in ontvangst nemen van identiteitskaarten en oproepingsbrieven en het afroepen van namen staat in de wetgeving niet omschreven als een taak van het stembureau. Bijgevolg hebben deze getuigen ook geen deel uitgemaakt van het stembureau. Dat zegt de raad voor verkiezingsbetwistingen. ,,De werkwijze dat getuigen ingeschakeld worden in de werkzaamheden is niet ongebruikelijk. Het gaat te ver om te stellen dat ze deel uitmaakten van het stembureau. Ze hebben geen propaganda verspreid en een gewone naamafroeping kan geen boodschap inhouden om op een bepaalde partij te stemmen. De vrijheid van kiezen is dan ook niet in het gedrang gebracht. Het is niet met zekerheid uit te maken of hun aanwezigheid invloed zou gehad hebben op het kiesgedrag. Het stemmen bleef anoniem en in alle vrijheid. Het bezwaar bevat alleen maar beweringen en veronderstellingen zonder bewijzen.
Lees ook: |